Vrouwen die leidinggevende functies bekleden in de landbouw zijn een uitzondering. Jessica Krebbing bewijst het tegendeel.
Vooralsnog vormen ze de uitzondering: vrouwen die een leidinggevende positie hebben in de landbouw. Voorbeelden als dat van Jessica Krebbing laten echter zien dat de rol van vrouwen op de boerderij langzaam maar zeker verandert.
De Verenigde Naties hebben het jaar 2026 verklaard tot ‘Internationaal Jaar van de Boerin’. Een goede gelegenheid eens een kijkje te nemen op een boerderij die binnenkort door een vrouw wordt geleid. Op de Overdickshof in Hamminkeln in de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen neemt Jessica Krebbing het roer over van haar vader. Tijdens het bezoek zal blijken dat pas bij nadere beschouwing subtiele verschillen zichtbaar worden. Bijvoorbeeld als het gaat om het combineren van het boerenbedrijf met de zorg voor kinderen.
Nadat we zijn begroet door twee jachthonden, maken we kennis met de jongste gezinsleden van de familie Krebbing: Lias is met zijn bijna drie jaar al een echte boerderijkenner, terwijl de tien maanden oude Ellie voortdurend op ontdekkingstocht is. Jessica Krebbing heeft al vroeg gekozen voor het beroep van boerin. Voeren, melken, koeien insemineren en ook ‘kuilvoer vervoeren’: dat kent ze al van kinds af aan.
Tijdens ons gesprek in de wei merken we een groot verschil met eerdere bezoeken aan boerderijen. Jessica Krebbing moet niet alleen de boerderij met 180 koeien managen, maar is ook altijd in de weer als moeder. Natuurlijk wordt ze ondersteund door haar man Stephan, haar ouders en grootmoeder, die ook op de boerderij wonen. Maar zij is eindverantwoordelijk voor de organisatie. Dat begint bij een efficiënte tijdsplanning. Haar man neemt ’s ochtends het voeren voor zijn rekening en rijdt daarna door naar zijn eigen familiebedrijf met 80 koeien dat hij samen met zijn ouders runt. Jessica Krebbing brengt Lias naar de kinderopvang en gaat daarna aan het werk op de boerderij. In het weekend en op feestdagen draaien de kinderen mee in de dagelijkse werkzaamheden. Lias draagt inmiddels een GPS-tracker in zijn broekzak, zodat hij vrij kan rondlopen op het uitgestrekte terrein.

In de afgelopen jaren is de melkveestapel van de Krebbings veranderd. Jessica zou zeggen dat deze gevarieerder geworden is. Naast bruinvee, zwartbonten en roodbonten lopen tegenwoordig ook Jersey- en witrikkoeien in de wei. Naast deze veranderingen in de samenstelling van de veestapel blijft Jessica Krebbing de bedrijfsfilosofie van haar vader volgen: “Bij een ziekte of verwonding van een koe luidt bij ons de vraag: wat moeten we doen om de koe in de veestapel te behouden? Nooit: wat pleit ervoor om haar naar de slacht te brengen?”
Uiteindelijk leidt dit ertoe dat de veestapel op de Overdickshof een bovengemiddelde leeftijd heeft. Koeien van tien jaar en ouder zijn geen uitzondering.

Veel investeringen van de afgelopen jaren werpen nu hun vruchten af voor de bedrijfsopvolging. Houderijvorm 3, openfrontstal en CO2e-reductieprogramma werden binnen de familie al vroeg als toekomstgerichte keuzes gezien en in de praktijk gebracht. Ook met de keuze voor een voeraanschuifrobot en twee melkrobots wordt ingezet op de toekomst. “Onze hoogproductieve koeien melken we met behulp van de twee melkrobots, terwijl de rest van de melkstapel conventioneel via de melkstal wordt gemolken”, aldus Jessica Krebbing. “Een ideale oplossing voor ons om melkproductie, kuddebeheer en werklast optimaal in balans te brengen.”

Sterke vrouwen schijnen in de familie geen uitzondering te zijn. Oma Leni is ruim 90 jaar oud, maar helpt nog steeds in het huishouden en past af en toe op de kleintjes. Wanneer het te rumoerig wordt, kan ze gewoon haar gehoorapparaten uitzetten. Moeder Christa was binnen de bedrijfsvoering altijd een gelijkwaardige partner van haar man Wilhelm en dochter Jessica had het geluk dat haar echtgenoot haar familienaam aannam, zodat de boerderij ook in de volgende generatie onder de naam Krebbing kan worden voortgezet. Aan leiderschapskwaliteiten en overtuigingskracht ontbreekt het de vrouwen op Overdickshof in elk geval niet.

We verlaten de Overdickshof met het gevoel dat hier veel dingen vanzelfsprekend zijn, die elders nog punt van discussie zijn of als ongebruikelijk worden beschouwd. Een familie die met plezier en toewijding actief is in de landbouw en melkveehouderij. Een familie waarin de dochter vanzelfsprekend boerin is en de boerderij naar de toekomst leidt. Als manager, vrouw, moeder en onderdeel van een daadkrachtige familie.